| Peter Paul Rubens wordt in 1577 geboren in het Duitse Siegen, de plaats naar waar zijn Antwerpse ouders vanwege hun protestantse geloofsovertuiging waren uitgeweken. Als vader Rubens sterft verhuist de familie terug naar Antwerpen. Peter Paul wordt er in 1598 als meester-schilder in de Sint-Lucasgilde opgenomen. Tussen 1600 en 1608 verblijft hij in Italie: in Venetië treedt hij in dienst van de hertog van Mantua. Terug in de Nederlanden wordt hij eerst de officiële stadsschilder van Antwerpen en vervolgens de hofschilder van de aartshertogen Albrecht en Isabella. In 1609 trouwt Rubens met Isabella Brant, de dochter van de stadsgriffier. Ze delen 17 jaar lief en leed tot Isabella Brant in 1626 sterft aan de 'haestige sieckte' (de pest). Vier jaar later hertrouwt Rubens met de op dat moment zestienjarige Hélène Fourment. De volslanke Fourment beantwoordt helemaal aan het zeventiende-eeuwse schoonheidsideaal en Rubens schildert haar graag en veelvuldig. Het adjectief 'Rubensiaans' verwijst anno 2005 nog steeds naar het voluptueuze karakter van een dame. Rubens' atelier produceert een indrukwekkende hoeveelheid werk van uiteenlopende aard: mythologische scènes, religieuze taferelen, landschappen en portretten. Doorgaans maakt Rubens de schetsen en laat hij heel wat schilderwerk over aan zijn leerlingen en medewerkers. Deze werkwijze zorgt ervoor dat niet altijd uit te maken is welke stukken van Rubens zelf zijn en welke van zijn medewerkers. Rubens is al in zijn eigen tijd een gewaardeerd kunstenaar: latere meesters als Antoon van Dyck en Jacob Jordaens leren bij hem het vak. In zijn atelier werken ook enkele etsers, burijngraveurs en een houtsnijder. Zij maken prenten en reproducties van Rubens' werk. De internationale verspreiding van die prenten, een soort merchandising avant-la-lettre, bezorgt Rubens een Europese faam. Misschien minder bekend is dat Rubens ook een diplomatieke loopbaan heeft gevolgd. Die was te danken aan zijn internationale contacten. Tussen 1623 en 1633 wordt hij belast met diplomatieke missies die hem naar ondermeer Spanje, Frankrijk en Engeland voeren. In 1630 werkt Rubens mee aan een vredesverdrag tussen Spanje en Engeland. Als beloning wordt hij door zowel Karel I van Engeland als Filips IV van Spanje in de adelstand verheven. In 1633 komt een einde aan zijn diplomatieke carrière als onderhandelingen over een verdrag tussen de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden spaak lopen.
|